Samenvatting
De eerste atoombom kon niet zijn gebeurd zonder de ontdekking van kernsplijting. De wetenschappers ontdekten na veel onderzoek dat er bepaalde kernen waren die splijten als ze met een neutron in aanraking komen en die tot zich nemen, zoals U-235. Bij zo’n splijting ontstaan er twee kleinere kernen, komen er een aantal neutronen vrij en een hoop energie. Het bizarre hiervan is dat een andere kern zo’n neutron weer kan vangen, waardoor hij splijt en het dus in principe voor een kettingreactie zorgt, als er maar genoeg materiaal is dat kan splijten. Dat is ook het idee van een kernbom: niet één splijting, maar meerdere, zodat je voor een hoop energie kan zorgen. Tijdens het Manhattan-project werd dit idee daadwerkelijk gebruikt om een echt wapen te maken. De onderzoekers gingen toen naast de theorie ook de praktijk toepassen. De uitdaging waren nu twee dingen: één, hoe pas je dit allemaal toe in de praktijk zodat er een bom komt, en twee, hoe zorg je ervoor dat de bom pas ontploft als die uit het vliegtuig is en op de juiste hoogte. Dat was de reden dat ze bij de Little Boy het mechanisme, waarbij ze twee subkritische stukken uranium gebruiken, gebruikten. Het moment dat de bom aan zijn val begon, werd de timer gestart. Daarna werd de hoogte gemeten met een barometer en een radar, waarna die op een hoogte van 580 meter de ontstekers activeerde, waarna de conventionele explosieven het ‘kogeltje’ van uranium in de ‘cilinder’ van uranium schoot. Hierdoor ontstond er een superkritische massa en begon de kettingreactie. De natuurkundige principes zijn nu dus hopelijk wel duidelijk: kernsplijting, een kettingreactie, kritische massa en de omzetting van massa naar energie volgens E=mc^2. Een belangrijk ding is dat er bij de Little Boy maar een klein deel, namelijk 1,4%, van het uranium spleet. Toch was dat genoeg energie om een enorme explosie te veroorzaken, vele malen groter dan de gewone bommen. Dat laat dus wel zien hoe krachtig deze energie is en hoe voorzichtig we hiermee moeten zijn voor nu en voor in de toekomst, aangezien er ook een enorme blijvende schade is. De ontdekking van kernsplijting heeft dus eigenlijk gezorgd voor een nieuw soort wapen dat eigenlijk nooit had mogen worden uitgevonden, wegens de zoveel grotere schade die het kan aan richten vergeleken met de normale explosieven. Dat liet de atoombom op Hiroshima ook wel zien: de grote schade, de explosie, de enorme hitte, de verwoestende schokgolf en ook nog eens de dodelijke straling, die niet alleen de mensen kon doden, maar ook ervoor zorgde dat de grond vol kwam te zitten met straling, waardoor ze de gewassen niet meer konden eten. De natuurkundige werking maakt de kernwapens dus niet alleen enorm krachtig, maar ook enorm schadelijk, niet alleen voor de mensen, maar ook voor het milieu. Daarom is kernenergie één van de grootste wetenschappelijke dingen ooit, maar ook een ontdekking die laat zien hoever de mensen kunnen gaan, om van de technologie die voor goede doelwitten kan worden gebruikt, om te bouwen naar het dodelijkste en ergste wapen dat ooit is gemaakt.